COVID-19: Coronagids en andere aanbevelingen rond telewerk en arbeidsorganisatie

UPDATE 31/05/2021 – Volgens de experten zullen we nog een hele tijd met het coronavirus moeten leven. We zullen dan ook nog een hele tijd maatregelen moeten blijven nemen om de verdere verspreiding of nieuwe opflakkeringen van het virus zoveel mogelijk te vermijden. Dat geldt des te meer van nu  we de strenge ‘lockdown’maatregelen afbouwen. Werkgevers, werknemers, sociale partners, preventiediensten en andere actoren hebben hierbij een belangrijke rol te spelen.

> Lees ons volledige dossier Impact coronavirus (COVID-19) op ondernemingen

 

1. Generieke gids om de verspreiding van COVID-19 op het werk tegen te gaan
2. Telewerk in tijden van corona
3. FAQ rond telewerken en arbeidsorganisatie

 

1. Generieke gids om de verspreiding van COVID-19 op het werk tegen te gaan

De sociale partners van de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het Werk hebben op 12 mei 2021 een geactualiseerde versie van de generieke gids gevalideerd (versie 4).

De generieke gids bestaat 1 jaar! Naar aanleiding daarvan zijn de sociale partners van de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het Werk, samen met de FOD Werkgelegenheid en de Beleidscel van de minister van Werk nagegaan of de generieke gids geactualiseerd moest worden en welke aanpassingen nodig waren. Ze hebben daarbij rekening gehouden met de nieuwe wetenschappelijke kennis en de gewijzigde situatie op het terrein (waaronder de evolutie in de test- en vaccinatiestrategieën). De gids bevat noodzakelijke principes en maatregelen om ondernemingen toe te laten om veilig te werken door besmettingen op het werk maximaal te vermijden. De analyse heeft ertoe geleid dat bepaalde delen van de generieke gids zijn aangepast (zie ook het overzicht van de verschillende wijzigingen van de generieke gids):

  • de doelstelling van de gids
  • de ventilatie
  • het dragen van mondmaskers
  • de teststrategie in de onderneming. 

Bij het doel van de gids wordt erop gewezen dat ook wie negatief test of al gevaccineerd is toch de maatregelen moet blijven volgen. Ook het belang van vaccinatie wordt benadrukt. 

Het hoofdstuk over ventilatie kreeg enkele preciseringen: ventileren doe je met verse buitenlucht of met van virus gezuiverde lucht, het debiet pas je aan volgens het aantal aanwezigen, zorg voor minimale ventilatie wanneer de vertrekken niet in gebruik zijn en houd het CO2-gehalte als indicator voor verluchting zo laag mogelijk en in elk geval onder de grenswaarde. 

Bij mondmaskers wordt duidelijker gemaakt dat het dient te gaan om een masker zonder uitlaatventiel, uit stof of wegwerpmateriaal, dat nauw aansluit op het gelaat, en de neus, mond en kin bedekt. De situaties waarin het masker nodig is of sterk aanbevolen wordt, worden beschreven, evenals het feit dat rekening gehouden moet worden met eventuele specifieke regels in protocollen. 

Ten slotte kregen de mogelijkheden en de strategie om te testen in ondernemingen een plaats in de nieuwe versie van de generieke gids. 

De generieke gids blijft het sleutelinstrument voor het vermijden van werkgerelateerde virusoverdracht, ook al worden er meer en meer tests uitgevoerd en stijgt de vaccinatiegraad bij de bevolking. 

2. Telewerk in tijden van corona

Op vandaag is telewerk nog steeds aanbevolen ongeacht omvang of activiteit van het bedrijf.

Volgens het arbeidsrecht kunnen werkgevers hun werknemers normaal niet verplichten om thuis te werken en werknemers kunnen het niet opeisen. De maatregelen waartoe de Nationale Veiligheidsraad heeft beslist zijn echter van openbare orde en moeten worden nageleefd door eenieder die zich op Belgisch grondgebied bevindt. In de gegeven omstandigheden lijdt het dus geen enkele twijfel dat een bedrijf zijn werknemers kan verplichten tot het uitvoeren van telewerk, daar waar telewerk mogelijk is. Werknemers zijn op grond van artikel 17, 2° en 4° van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten ertoe gehouden deze verplichting na te leven.

Door de verstrengde regels gaan we nu veel meer gebruikmaken van telewerk. Het succes daarvan is niet automatisch verzekerd. In artikel COVID-19: Telewerk vindt u meer informatie over te maken afspraken, belangrijke inhoudelijke en praktische aspecten en tips rond telewerk. 

Toepasselijke wetgeving

Het telewerk in de privésector dat op regelmatige basis wordt uitgevoerd, wordt essentieel geregeld door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 85

Dat is niet hetzelfde als het occasioneel telewerk waarvoor de wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk een kader creëert. 

Let wel, een aantal elementen zoals het vrijwillig karakter zijn ‘overruled’ door de maatregelen van openbare orde inzake corona.
 

3. FAQ rond telewerken en arbeidsorganisatie

Hieronder vindt u antwoorden op de meest gestelde vragen.

Wat als uw werknemer niet wil komen werken uit schrik voor besmetting (op het werk, of door het nemen van het openbaar vervoer) maar niet ziek is en er geen andere redenen voorhanden zijn die de uitvoering van het werk onmogelijk maken?

In geval van quarantaine is de werkgever niet gehouden tot de betaling van het gewaarborgd loon.

Vermits de uitvoering van het werk niet onmogelijk is, is dat geen overmacht.

De werkgever kan in overleg met de werknemer, indien dat mogelijk is, beslissen om het werk tijdelijk anders te organiseren, bv. door te telewerken.

Indien dat niet mogelijk is, zal de werknemer dan ook ofwel betaalde vakantie moeten nemen ofwel verlof om dwingende redenen (max. 10 dagen per jaar).

Wat als een werknemer niet kan komen werken omdat hij in quarantaine is geplaatst door de overheid of omdat hij niet terug naar huis kan keren wegens een vliegverbod of annulering van zijn terugvlucht?   

Een werknemer met vakantie of na de beëindiging van een opdracht om professionele redenen in het buitenland, die daar ‘vastzit’ als gevolg van een vliegverbod of annulering van zijn terugvlucht, kan het bestaan van overmacht inroepen waardoor de werkhervatting verhinderd wordt. Hetzelfde geldt wanneer de werknemer in quarantaine wordt geplaatst.

In geval van quarantaine is de werkgever niet gehouden tot de betaling van het gewaarborgd loon.

Op grond van het bijzondere-machtenbesluit 37 hebben de sociale partners in samenwerking met de bevoegde ministers een quarantaineattest uitgewerkt. In geval van vermoeden van besmetting moet (bij kleurencode rood) of kan (bij kleurencode oranje) de werknemer zich aanmelden bij de huisarts. Indien de huisarts geen besmetting vaststelt, maar wel een risico op besmetting vermoedt of indien de arts een besmetting vaststelt zonder dat er zich symptomen voordoen, schrijft de arts een quarantainegetuigschrift. Indien er thuiswerk mogelijk is, kunnen werknemer en werkgever overeenkomen dat er tijdens de periode van quarantaine verder wordt thuisgewerkt. Indien er geen thuiswerk mogelijk is, kan de werkgever op grond van dit quarantaineattest de werknemer tijdelijk werkloos stellen. De werknemer ontvangt een tijdelijke werkloosheidsuitkering. Deze regels gelden ook indien de quarantaine van de werknemer niet wordt opgelegd door de arts, maar door de overheid.

De werkgever heeft de verplichting om als een goede huisvader te waken over zijn onderneming en de gezondheid van alle werknemers. Indien de werkgever vermoedt dat er zich een besmetting voordoet, kan hij een werknemer vragen om de werkplaats te verlaten.

Voor meer informatie: lees de brochure ‘Zorg voor uw medewerkers die de grens overgaan’ van het VBO, waarin praktische aanbevelingen staan met betrekking tot reizen naar het buitenland.

Mag de werkgever een werknemer verplichten thuis te blijven als hij vermoedt dat de werknemer besmet is?

De werkgever kan de toegang tot de werkvloer niet weigeren op basis van vermoedens. De werkgever kan de werknemer wel vragen om zich, met het oog op de veiligheid van de collega’s, te laten onderzoeken, maar die is niet verplicht daarop in te gaan.

Om het risico op besmetting te verkleinen, kunt u wel in overleg met de werknemer beslissen om het werk tijdelijk anders te organiseren, indien mogelijk, bv. door te telewerken.

Wat als de werknemer inroept dat hij bij zijn kinderen moet blijven omdat er geen opvang is voor de kinderen? 

In principe blijven de scholen open en wordt er in opvang voorzien. Ook de crèches blijven open.

Normaliter kan men dus geen gebrek aan kinderopvang inroepen om tijdelijk werkloos wegens overmacht te worden gesteld.

Enkel indien duidelijk wordt aangetoond dat er toch geen opvang was (de school zou bijvoorbeeld materieel niet in staat zijn om daarin te voorzien) en de ouder geen enkel alternatief heeft (geen telewerk mogelijk, geen corona-ouderschapsverlof mogelijk de partner kan niet inspringen, enkel de grootouders of andere personen van gevorderde leeftijd zouden kunnen inspringen), kan tijdelijke werkloosheid wegens overmacht worden gevraagd.

In de andere gevallen zal de werknemer gebruik moeten maken van de verloven waarop hij/zij recht heeft.

Hoe zit het met de dekking van een ongeval tijdens de duur van het telewerk?

Een telewerker is gedekt door de arbeidsongevallenverzekering als het ongeval zich voordoet tijdens en door het feit van de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst. Hij moet dus onder het gezag van zijn werkgever staan en zijn arbeidsovereenkomst aan het uitvoeren zijn op het moment van het ongeval. Er is een schriftelijk document vereist (in gelijk welke vorm) dat de werknemer toestaat om telewerk te verrichten. Dat moet ook de plaats vermelden waar het telewerk wordt verricht (wordt er geen plaats vermeld, dan geldt het vermoeden van arbeidsongeval voor de woonplaats of voor de plaats(en) waar het telewerk gewoonlijk wordt uitgevoerd), evenals het uurrooster van het telewerk (wordt dat niet vermeld, dan geldt het vermoeden van arbeidsongeval tijdens de werkuren die de telewerker zou moeten presteren indien hij in de lokalen van de werkgever zou zijn tewerkgesteld). Ook zonder schriftelijk document geldt de dekking, maar dan moet de telewerker aantonen dat het ongeval zich voordeed tijdens en door het feit van de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst.

De telewerker is ook gedekt op de weg van zijn woonplaats naar de school of opvangplaats van zijn kinderen en omgekeerd, alsook op de weg van zijn woonplaats naar de plaats waar hij zijn eetmaal neemt of het zich aanschaft en omgekeerd (dezelfde regels als voor de werknemer in de onderneming). Een arbeidsongeval moet, om als dusdanig te worden beschouwd, zich voordoen in het kader van de arbeidsovereenkomst. Een medewerker die op zijn dak klimt, is dus niet gedekt.

Een ongeval moet bij voorkeur onmiddellijk bij de werkgever worden aangegeven.

 

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.