Nieuws • 17 december 2025

25 jaar cyberjustitie in België: een traject van innovatie en veerkracht

Een kwarteeuw geleden begon België aan een volkomen nieuw traject: de hervorming van justitie om gelijke tred te houden met de digitale revolutie. Lang voordat er een wet tegen computercriminaliteit kwam, gingen Belgische rechters vindingrijk tewerk door digitale misdrijven te veroordelen op basis van juridische parallellen. Zo bestraften ze frauduleus gebruik van een wachtwoord bijvoorbeeld op basis van vervalsing. Dankzij die creatieve gerechtelijke aanpak konden veel hackers worden vervolgd, nog voordat er een specifiek wettelijk kader bestond.

Het echte kantelpunt kwam in 2000, met de wet van 28 november 2000 inzake informaticacriminaliteit. Die voerde een wijziging door in het strafwetboek om de gerechtelijke autoriteiten in staat te stellen elektronische gegevens in beslag te nemen en netwerken te doorzoeken. Zo werd een wettelijke basis gelegd voor de bestrijding van cybercriminaliteit en kon de wet rekening houden met opkomende digitale technologieën. Sindsdien bleef de wetgeving continu evolueren: er werden cyberbeveiligingskwesties in opgenomen en ze werd aangepast aan nieuwe bedreigingen. In 2024 trad bijvoorbeeld de
NIS 2-wet in werking.

Naar een ecosysteem van internationale samenwerking …

Op Europees niveau heeft België de belangrijke richtlijnen, zoals de Data Retention Directive uit 2006, de AI Act en de Digital Services Act (DSA), omgezet. Maar voor de hoeksteen van de internationale strijd tegen cybercriminaliteit moeten we iets verder terug in de tijd, naar het Verdrag van Boedapest inzake cybercriminaliteit, officieel bekend als het Verdrag inzake cybercriminaliteit, dat op 23 november 2001 werd opengesteld voor ondertekening. Dat was immers het eerste wettelijk bindende internationale verdrag ter bestrijding van computer- en internetcriminaliteit. Hoewel België al in 2001 tot dat verdrag toetrad, ratificeerde ons land het pas in 2012. De tekst definieert strafbare inbreuken, biedt procedurele instrumenten en leidt de internationale samenwerking in goede banen.

Het Belgische ecosysteem ontwikkelde zich stap voor stap. In 1992 werd de CCU (Computer Crime Unit) opgericht, in 1995 gevolgd door BOGO (Bijstand Opsporing Geautomatiseerde Omgevingen) binnen de rijkswacht. Na de politiehervorming in 2001 werd de FCCU (Federal Computer Crime Unit) de nationale pijler in de strijd tegen cybercriminaliteit. Daarnaast verschenen nog enkele grote spelers op het toneel, zoals het Centre for Cybersecurity Belgium (CCB) in 2014 en de Cyber Security Coalition, die publieke en private inspanningen bundelen.

Cybercriminaliteit kent geen grenzen en internationale samenwerking blijft essentieel.

Toch staan we nog steeds voor enorme uitdagingen. In 2000 had de FCCU 14 personeelsleden, waarvan 10 cyberagenten. Voor 2025 waren er 70 functies voorzien, maar zijn er slechts 31 agenten daadwerkelijk in dienst. 55% van de functies staat dus open. Het aantal medewerkers is dan wel verdrievoudigd, maar ook het aantal zaken dat behandeld moet worden is explosief gestegen. Het resultaat? Een schrijnend gebrek aan personeel om de toename van cybercriminaliteit het hoofd te bieden.

… en bescherming van grondrechten

Los van de cijfers heeft de Belgische cyberjustitie zich tot taak gesteld burgers te beschermen tegen inbreuken op hun grondrechten, privacy en integriteit. De overvloed aan rechtspraak toont aan hoe goed rechters en rechtshandhavingsinstanties zich aanpassen aan de steeds veranderende overtredingen.

In 25 jaar tijd heeft België een stevig wettelijk en institutioneel kader uitgebouwd, dat ook wendbaar bleef ten aanzien van technologische innovatie. Maar we moeten waakzaam blijven: cybercriminaliteit kent geen grenzen en internationale samenwerking en investeringen in vaardigheden blijven essentieel voor een doeltreffende justitie in het digitale tijdperk.

> Lees ook, op deze website, BE PREPARED “Vermijd problemen nog voor ze ontstaan”

Deel deze pagina:

Lees meer artikels over:

Over de auteurs
Nathalie Ragheno
Competentiecentrum Recht & Onderneming