Het VBO, vergezeld door een tiental sectorfederaties, bracht deze week een bezoek aan Straatsburg in het kader van de plenaire vergadering van het Europees Parlement. De bedoeling was om een gedachtewisseling te faciliteren tussen werkgevers en Belgische Europarlementsleden aan het begin van deze nieuwe Europese legislatuur.

Op die manier konden we onze prioriteiten delen met ongeveer vijftien van onze Europarlementsleden uit vijf verschillende Europese politieke fracties. Het stemt mij tevreden dat ze het sterk eens zijn met onze vaststelling dat de EU al meer dan tien jaar aanzienlijk terrein verliest, aan de VS en China in het bijzonder. Het gaat dan over groei, innovatie en investeringen. De energieprijzen en het regelgevingskader zijn daarbij sleutelfactoren.
Focus op concurrentiekracht
Het versterken van de concurrentiekracht van Belgische en Europese bedrijven en de aantrekkelijkheid van de EU voor investeringen en innovatie lijkt een gedeelde prioriteit te zijn, en daar ben ik blij om.
We hadden het gevoel dat veel parlementsleden vragen hebben bij de beste manier om de Green Deal verder te implementeren en het tempo waarop dat moet gebeuren. We voelden ons ook gesteund in ons pleidooi om die Green Deal aan te vullen met een echte ‘competitiveness deal’.
Over hoe we daar het best toe komen zijn de meningen uiteraard verdeeld. Maar veel van onze Europarlementsleden lijken het wel eens te zijn met de stelling dat we absoluut moeten voorkomen dat ‘decarbonisatie’ gelijk komt te staan aan ‘de-industralisering’.
De werkgevers wachten dan ook vol ongeduld op de eerste concrete initiatieven die de nieuwe Commissie-Von der Leyen II binnenkort zal voorstellen. De Commissie liet zich daarvoor inspireren door de ontegensprekelijke vaststellingen in het uitstekende rapport van Mario Draghi. We hopen dat de Belgische leden van het Europees Parlement die initiatieven actief zullen steunen.
Minder administratieve lasten
We stelden ook vast dat er aandachtig werd geluisterd naar onze grieven over de administratieve lasten en de vele rapportageverplichtingen die voortvloeien uit de onlangs goedgekeurde Europese wetgeving voorgesteld door de Commissie-Von der Leyen I. Dan denken we in het bijzonder aan verplichtingen rond niet-financiële rapportage en zorgplicht. Werkgevers onderschrijven vaak de algemene duurzaamheidsdoelstellingen vastgelegd in die wetgeving. Maar de manier waarop ze worden geïmplementeerd en de cumulatieve administratieve lasten die op de schouders van de bedrijven – groot en klein – terechtkomen, zijn vaak onevenredig. Hetzelfde geldt voor de aansprakelijkheidsbepalingen voor bedrijven, en dus ook voor de mogelijke gerechtelijke stappen die tegen hen kunnen worden gezet, die in verschillende recente Europese teksten zijn ingevoerd.
Werkgevers verwelkomen de aankondiging van een initiatief om de administratieve lasten als gevolg van verschillende Europese wetgevingen te verminderen.
De werkgevers zijn dus verheugd dat voorzitter Ursula von der Leyen een omnibus-initiatief aankondigde om de administratieve lasten als gevolg van verschillende Europese wetgevingen terug te dringen. Ter herinnering: de nieuwe Europese Commissie heeft zich tot doel gesteld om de rapportageverplichtingen van bedrijven met 25% te verminderen. We sporen onze Europarlementsleden aan om die vereenvoudigingsinitiatieven constructief te onthalen, des te meer omdat ze volgens ons niet stroken met het schrikbeeld van ‘deregulering’ dat sommigen ophangen.
Een regering ter ondersteuning van een Europese aanpak
De vele interne uitdagingen en de externe geopolitieke spanningen waarmee de EU en haar ondernemingen te maken hebben, vereisen een krachtig Europees antwoord. Geen enkele lidstaat kan die problemen alleen de baas. Zowel de Europese Commissie als het Europees Parlement en de Raad zullen een rol moeten opnemen.
Die situatie illustreert eens te meer dat ons land zo snel mogelijk een volwaardige federale regering nodig heeft. Die zal actief moeten deelnemen aan de lopende Europese debatten om de Belgische belangen op het Europese toneel te verdedigen. Op binnenlands vlak verwachten we van de volgende regering dat ze zich sterk engageert om bij de omzetting van EU-richtlijnen niet aan gold-plating te doen (verder te gaan dan wat Europa voorschrijft). Zo kan ons land, met de steun van de Belgische leden van het Europees Parlement, blijven werken aan het bepalen en implementeren van een holistische Europese strategie voor groei en investeringen, essentieel voor de werkgelegenheid en de welvaart van vandaag en morgen.
Lees meer artikels over:
