In 2025 blaast de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA) 90 kaarsjes uit. De RVA, die paritair wordt beheerd door de sociale partners, maakte verschillende (sociale, economische …) crises door, maar wist zich daarbij telkens heruit te vinden om zijn taken te kunnen blijven uitvoeren. De instelling staat nu aan de vooravond van een nieuwe transitie: de hervorming van de werkloosheidsregels door de federale regering.
In 2024 verleende de RVA zijn diensten aan meer dan 300.000 volledig werklozen, maar ook aan meer dan 500.000 werknemers (tijdelijke werklozen, personen in loopbaanonderbreking en andere meer specifieke groepen).
Om de verwerking van de stroom aan uitkeringssaanvragen te verbeteren, werkt de organisatie voortdurend aan de digitale transformatie van haar processen. Het gaat daarbij onder meer om het elektronisch aanvragen van loopbaanonderbrekingen en de elektronische controlekaart C3.2 voor tijdelijke werkloosheid, die sinds 1 januari 2025 van toepassing is.
Momenteel bereidt de werkloosheidssector zich voor op een ingrijpende transformatie: de hervorming van het recht op uitkeringen, die er onder meer in bestaat het recht op uitkeringen voor alle categorieën werklozen te beperken, de uitkeringsplafonds te verhogen, meer waarde toe te kennen aan gewerkte periodes voor de verwerving van het recht op werkloosheidsuitkeringen en het recht op een loopbaandoorstart (recht op uitkeringen na ontslag) in te voeren. Die hervorming is noodzakelijk om de werkzaamheidsgraad in België te verhogen en de werkloosheidsverzekering als een echt sociaal vangnet te bestendigen.
Met het oog op de transformatie van het regelgevingskader en de opeenvolgende crisisperiodes zal de RVA zich, zoals dat sinds zijn oprichting het geval is, verder moeten ontwikkelen door naar efficiëntiewinst te streven. Die winst moet worden nagestreefd via projecten die het mogelijk maken om een nieuwe digitale sociale zekerheid op te bouwen. Het VBO, dat in het beheerscomité van de RVA zetelt, schenkt daar bijzonder veel aandacht aan.
| Van de RVAW naar de RVA van vandaag en morgen De Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling en Werkloosheid (RVAW) werd in 1935, tegen de achtergrond van de Grote Depressie, opgericht. Vanaf dat moment had de staat dus een nationale organisatie met als belangrijkste taak de terugkeer naar werk en de tewerkstelling van werklozen. De sluiting van het Sociaal pact maakte het mogelijk om die regeling open te stellen voor alle werknemers die bijdragen aan de sociale zekerheid. Na twee decennia van crises, afgewisseld met korte perioden van welvaart, wordt de RVAW omgedoopt tot de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA), een naam die beter aansluit bij zijn nieuwe hoofdopdrachten: tewerkstelling en werkzekerheid. In dezelfde geest werd in 1966 een onafhankelijk fonds opgericht om in een vergoeding te voorzien voor werknemers die worden ontslagen omwille van een faillissement of sluiting: het Fonds voor Sluiting van Ondernemingen. Sinds de jaren 80 zijn de taken van de RVA blijven evolueren, onder meer door de regionalisering van de begeleiding van werkzoekenden op de arbeidsmarkt en de regionalisering van de werkgelegenheidssteun. In de afgelopen jaren hebben opeenvolgende crises (Brexit, coronavirus, energiecrisis …) het belang van werkloosheidsstelsels (voornamelijk van het stelsel tijdelijke werkloosheid teneinde de gevolgen voor de werkgelegenheid te temperen) en van een moderne instelling aangetoond. (bron: RVA) |
Lees meer artikels over:

