Op 3 december 2025 publiceerde de Europese Commissie een communicatie met als titel: ‘Strengthening EU economic security’. De Commissie wil haar weerbaarheid vergroten tegen externe economische dreigingen, zonder haar openheid voor internationale handel en investeringen te beknotten.
De Europese Unie wordt geconfronteerd met diverse urgente risico’s. Denk aan de toenemende verstoringen in het mondiale handels- en investeringsklimaat, waaronder handelsbelemmeringen en exportrestricties. Daarnaast ondermijnen bepaalde praktijken, zoals door de staat gesubsidieerde overcapaciteit en nieuwe afhankelijkheden, essentiële toeleveringsketens en technologieën. Het huidige veiligheidslandschap is eveneens veranderd, mede als gevolg van het conflict in Oekraïne en de hybride aanvallen op infrastructuur en ondernemingen. Risico’s waarrond ook het VBO bedrijven sensibiliseert in zijn BE PREPARED-campagne.
De recente communicatie van de Commissie bouwt verder op de Europese Economische Veiligheidsstrategie uit 2023, met drie centrale pijlers: het bevorderen van concurrentiekracht, bescherming tegen risico’s en samenwerking met gelijkgezinde partners (‘promote, protect and partner’). De nieuwe communicatie stelt dat de EU bestaande instrumenten voortaan assertiever en systematischer zal inzetten, ook wanneer die oorspronkelijk voor andere doeleinden waren ontwikkeld.
EU kiest voor assertiever beleid rond economische veiligheid.
Zes prioritaire risicodomeinen
De Commissie identificeert zes domeinen waar de risico’s het grootst zijn en waarop ze zal focussen:
- 1. ‘Supply chain resilience’ en strategische afhankelijkheden. De EU is voor bepaalde kritieke grondstoffen, chips, energie en farmaceutica sterk afhankelijk van één of enkele landen. Dat verhoogt het risico op verstoringen en economische chantage. De Commissie wil werken aan diversificatie van leveranciers en productie, ook in samenwerking met kandidaat-lidstaten en partnerlanden.
- 2. Veilige investeringen. Buitenlandse investeringen blijven welkom, maar worden strikter gescreend. Investeringen die innovatie en industriële capaciteit versterken krijgen voorrang, maar nieuwe afhankelijkheden worden vermeden. Specifieke aandacht gaat naar technologieoverdracht en het voorkomen van ongewenste overnames.
- 3. Defensie- en ruimtevaartindustrie. Europa wil investeren in zijn eigen productiecapaciteit en innovatie, en beperkt ongewenste buitenlandse invloed in strategische sectoren.
- 4. Leiderschap in sleuteltechnologieën. Bescherming van intellectuele eigendom, knowhow en strategische O&O is cruciaal. De EU wil voorkomen dat buitenlandse actoren via acquisities, O&O-partnerschappen of industriële spionage toegang krijgen tot kritieke technologieën.
- 5. Bescherming gevoelige data. Striktere regels rond data, cybersecurity en eigendom van infrastructuur moeten voorkomen dat gevoelige informatie in verkeerde handen valt. Dat geldt voor hardware, software en eigendom van bedrijven die toegang hebben tot strategische data.
- 6. Bescherming kritieke infrastructuur. Transport, energie en communicatie moeten beter worden beschermd tegen fysieke, cyber- en hybride dreigingen.
Instrumenten en nieuwe initiatieven
De EU beschikt al over een breed scala aan instrumenten: FDI-screening (Foreign Direct Investment), exportcontrole, handelsverdediging, financiering en sectorale initiatieven. Die moeten nu strategischer en gecoördineerder worden ingezet. Nieuwe initiatieven, zoals ResourceEU (tegen afhankelijkheid van kritieke grondstoffen en chips), CHIPS 2.0, SAFE Regulation en de Industrial Accelerator Act zullen de instrumenten aanvullen.
Ook komt er meer monitoring en informatie-uitwisseling, waarbij de bedrijven en lidstaten nauwer worden betrokken. De Commissie lanceert daarom een Economic Security Information Hub en een Trade Resilience Information Portal, en vraagt lidstaten om nationale economische veiligheidsadviseurs aan te stellen.
Gamechanger?
Het succes van het Europese economische veiligheidsbeleid zal afhangen van een evenwichtige uitvoering. Het is zo dat extra Europese regels en screenings alleen effectief zijn als ze goed afgestemd worden op de realiteit van Belgische bedrijven en geen onnodige administratieve lasten veroorzaken. De bevoegdheidsverdeling tussen EU en lidstaten blijft een aandachtspunt, zeker rond investeringsscreening en nationale veiligheid. Het VBO pleit daarom voor een pragmatische aanpak: een versterking van de economische veiligheid mag de concurrentiekracht en openheid van onze economie niet ondermijnen. Alleen met een werkbaar, proportioneel beleid en nauwe betrokkenheid van het bedrijfsleven kan die strategie echt slagen.
Lees meer artikels over:
