De Europese Commissie heeft haar landverslag over België gepubliceerd. Daarin herinnert ze aan de belangrijkste uitdagingen voor ons land. In een eerste deel van onze analyse richtten we ons op de overheidsfinanciën en de arbeidsmarkt. In dit tweede deel van onze analyse gaan we dieper in op de productiviteit, en in het bijzonder op innovatie en administratieve lasten.
Productiviteit blijft hoog, maar neemt amper toe
Met een niveau van 130% van het EU-gemiddelde blijft de Belgische productiviteit bijzonder hoog. Evenwel zijn we sinds het begin van de jaren 2000 aan het watertrappelen, met nog amper bijkomende productiviteitswinsten. Met een vergrijzingsgolf die de laatste jaren alleen maar groter wordt, is die bron aan groei juist noodzakelijk om ons socio-economisch model in stand te kunnen houden. In de maakindustrie was de groei de afgelopen vijf jaar zelfs negatief, terwijl in Nederland en Duitsland de omgekeerde trend kon worden opgetekend. Het heropleven van de industrie is dan ook de voornaamste inzet van het
‘MAKE 2025-2030’-initiatief van de regering-De Wever.
Koppositie in de EU, maar beperkte vertaling in concrete innovatie?
Volgens de Europese Commissie zou het gebrek aan innovatie een rol spelen in de vertraging van de productiviteitgroei. België is een van de O&O-intensiefste economieën in de EU, maar kan dat slechts beperkt vertalen in innovatie. De O&O-uitgaven blijken daarnaast te sterk geconcentreerd bij een beperkt aantal sectoren en bedrijven. Kleine ondernemingen kunnen dan weer minder rekenen op (fiscale) O&O-steun.
Het debat rond O&O en innovatie blijft moeilijk. Uit de jongste ‘O&O spending review’ blijkt dat de concentratie van O&O-uitgaven bij grote ondernemingen in de VS (84%) en Duitsland (86%) veel hoger is. In die landen ligt de productiviteit echter respectievelijk hoger en lager dan in België. Bij ons zijn grote ondernemingen goed voor 51% van de uitgaven. De CRB stelde in zijn verslag rond O&O in België vast dat een groot aantal sectoren (naast de farmasector ook de financiële, voedings-, bouw- en retailsectoren) naar Europese standaarden aanzienlijk meer uitgaf aan O&O, wat vaak ook leidde tot een sterkere economische bijdrage.
Volgens het European Innovation Scoreboard werken innovatieve kmo’s in België daarnaast vaak samen met andere innovators, mede dankzij de samenwerkingsverbanden met de sectorale collectieve onderzoekscentra, de Waalse competitiviteitspolen en de Vlaamse speerpuntclusters en strategische onderzoekscentra. Onze innovatieve kmo’s scoren ook goed op het vlak van de implementatie van innovatie, waarbij innovatie in bedrijfsprocessen het sterkst opvalt. Wat digitalisering betreft scoren Belgische kmo’s naar Europese standaarden bovengemiddeld goed op het vlak van adoptie van basis-ICT, AI, cloudoplossingen en data analytics.
Met andere woorden, alle indicatoren staan wat betreft innovatie op groen. Al kan wel worden vastgesteld dat nog onvoldoende wordt ingezet op de opbouw van intellectuele eigendom en de commercialisering ervan. Daarnaast zijn de administratieve lasten om O&O-steun te krijgen sterk toegenomen, wat kmo’s kan ontmoedigen om O&O-activiteiten aan te vatten (start-ups) of uit te breiden (scale-ups).
Andere hefbomen voor productiviteitsgroei?
Administratieve vereenvoudiging is een essentiële uitdaging voor het concurrentievermogen van Belgische ondernemingen, met name voor kmo’s. Hoewel België zeer bemoedigende resultaten boekt wat betreft de digitalisering van zijn overheidsdiensten, worden ondernemingen nog steeds geconfronteerd met zware en kostenintensieve administratieve lasten. De compliancekosten voor kmo’s in België zijn de derde hoogste van de EU. Ook wat de fiscale complexiteit betreft, behoort ons land, met een 24e plaats op 27 landen, tot de slechtste leerlingen. Die beperkingen vergen aanzienlijke middelen die zouden kunnen worden ingezet om te innoveren, de productiviteit te verbeteren of jobs te creëren. Hoewel de overheid inmiddels inspanningen levert, is het van essentieel belang dat administratieve vereenvoudiging geen eenmalige prioriteit blijft, maar een structurele doelstelling wordt die ook op lange termijn wordt nagestreefd, teneinde de regeldruk echt te verlichten en zo het concurrentievermogen van onze ondernemingen te versterken.
Lees meer artikels over:

