Administratieve vereenvoudiging en digitalisering zijn cruciaal om het concurrentievermogen van Belgische bedrijven te verbeteren. Administratieve lasten verminderen, betekent immers dat onze bedrijven tijd en middelen kunnen vrijmaken voor hun kernactiviteiten, innovatie en ondernemerschap. Tegelijkertijd is ook de digitalisering van de economische interacties tussen de bedrijven en met de administratie van cruciaal belang. Die maatregelen zouden immers sterk bijdragen tot een klimaat dat bevorderlijk is voor groei en innovatie.
Aangezien we onmogelijk alle maatregelen van naaldje tot draadje kunnen bespreken, hebben we ervoor gekozen om ons hier te concentreren op een aantal belangrijke elementen van het akkoord. Wie de bijna 200 pagina’s van het regeerakkoord wil lezen, vindt de tekst hier.
Richting administratieve vereenvoudiging: minder lasten voor een dynamischere economie
De federale regering heeft administratieve vereenvoudiging bovenaan de agenda gezet met een duidelijk doel: de administratieve lasten voor bedrijven verlagen. Ze blijft achter de doelstelling staan om die lasten met 30% te drukken. Om daartoe te komen geeft ze de voorkeur aan een transversale aanpak die heel wat verschillende domeinen zal bestrijken. Het regeerakkoord geeft elke minister immers de opdracht om vóór 30 juni een lijst met vereenvoudigingsvoorstellen in te dienen. Los van die overkoepelende aanpak staan er al enkele maatregelen in het regeerakkoord.
1. Een gedeelde Europese ambitie
De regering steunt de inspanningen van de nieuwe Commissie om de Europese initiatieven op administratief en regelgevend gebied te vereenvoudigen (zie omnibuswetgeving). Administratieve vereenvoudiging wordt zo een politieke prioriteit, met als doel de innovatie binnen Europese bedrijven, met name in de technologische sector, te stimuleren. De regering verbindt zich er in de eerste plaats toe om bij de omzetting van Europese richtlijnen niet verder te gaan dan wat de EU oplegt, met andere woorden, om gold-plating te vermijden. Daarnaast steunt ze de oprichting van ‘regulatory sandboxes’, regelluwe zones waar innovatieve technologieën en producten kunnen worden ontwikkeld en getest.
2. Een reeks vereenvoudigingsmaatregelen voor het sociaal recht
De regering wil het sociaal recht vereenvoudigen, bijvoorbeeld door de Federal Learning Account af te schaffen en ze te vervangen door een minder administratief belastend systeem. Ze schrapt ook de startbaanverplichting, omdat ze voor veel administratieve overlast zorgt.
De administratieve lasten voor de werkgevers voor het aannemen van deeltijdse werknemers worden verlicht. Waar overeenkomsten tussen werkgevers en werknemers vandaag om de zes maanden moeten worden verlengd, zal dit kunnen worden vervangen door een overeenkomst voor onbepaalde duur, met een herroepingsrecht om de zes maanden.
De regering zal ook de verplichte bewaartermijn (nu vaak 5 jaar) voor bepaalde sociale documenten, bijvoorbeeld voor de aanvraag van een wisselende werkweek, verkorten. Tot slot hoeven de risicoanalyses die de welzijnswet oplegt, niet jaarlijks herhaald te worden indien de werkomstandigheden ongewijzigd zijn.
3. Vereenvoudiging van de fiscaliteit
De regering verbindt zich ertoe het belastingstelsel te vereenvoudigen om het transparanter en minder complex te maken, in het bijzonder voor kleine en middelgrote ondernemingen. Ze zal de btw vereenvoudigen door de administratieve verplichtingen te versoepelen en bepaalde formaliteiten af te schaffen (nihil-klantenlisting, dagontvangstenboek, enkele specifieke btw-registers enz.). Op het gebied van de vennootschapsbelasting zullen de ‘transfer pricing’-regels tot de essentie worden herleid.
4. Vereenvoudiging van het UBO-register en de UBO-verplichtingen
De regering wil, in het kader van het ‘only once’-principe, de UBO-wetgeving1 aanpassen om zo de administratieve overlast te verminderen. Ze zal ook de koppeling van de verschillende registers met het centrale UBO-register voortzetten en de gegevenstoegang vergemakkelijken voor bepaalde financiële instellingen die vandaag het UBO-register nog niet kunnen raadplegen.
5. De ‘wet lagere kosten’
De regering zal gedurende de hele legislatuur kleinere taksen en administratieve formaliteiten afschaffen aan de hand van een ‘wet lagere kosten’. In 2025 zal de regering de taks op bankgeschriften en de premietaks voor de pensioenovereenkomst voor zelfstandigen afschaffen. Vanaf 2026 zullen ook kleinere federale registratierechten en taksen worden geschrapt.
De huidige verplichte neerlegging van de jaarrekening voor vzw’s en stichtingen bij de griffie wordt vervangen door een verplichte neerlegging bij de Nationale Bank van België (NBB). In dat verband zal de ‘wet lagere kosten’ de neerleggingskost schrappen voor kleine vennootschappen en verenigingen.
Richting digitalisering: naar geoptimaliseerde diensten
6 . Digitale en toegankelijke overheidsdiensten
Tegen 2030 moeten alle interacties met de overheid online mogelijk zijn, terwijl er voor burgers die minder vertrouwd zijn met digitale communicatie een niet-digitaal alternatief moet zijn. Het geregeld raadplegen van de e-Box Enterprise zou vanaf 2026 verplicht worden voor alle bedrijven.
7. Digitale loketten worden hertekend voor meer efficiëntie
Er zal een strategie worden uitgewerkt om de digitale diensten te bundelen in eenvoudige en efficiënte digitale loketten, georganiseerd in functie van de behoeften van burgers en bedrijven en zoveel mogelijk gebaseerd op eenzelfde infrastructuur.
8. Een datagedreven administratie die inzet op artificiële intelligentie
De staat zal kiezen voor een datagedreven aanpak, die gebruik maakt van AI en krachtige IT-systemen voor een slimmer en transparant beheer van data in overheidsdiensten. Het ‘only once’-principe zal algemeen worden toegepast en in de praktijk worden gebracht om te voorkomen dat bedrijven dezelfde informatie meerdere malen moeten verstrekken.
9. Versterkte digitale infrastructuur
Om het concurrentievermogen van bedrijven te waarborgen, moet elke onderneming tegen 2030 toegang hebben tot supersnel internet (>1 Gbps). Het stelselmatig elimineren van ‘witte vlekken’ (geografische gebieden waar geen of zeer weinig dekking is van breedband- of mobiel internet) en de intensievere samenwerking tussen telecomoperatoren moeten een optimale dekking van het grondgebied bewerkstelligen. Daarnaast zal België vooruitlopen inzake de komst van 6G.
10. Regelgeving op maat van de nieuwe digitale uitdagingen
Het BIPT (Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie) zal bevoegd zijn voor de coördinatie van en de controle op de toepassing van Europese regelgeving, zoals de Data Act en de AI Act, en zijn financiering zal daartoe worden aangepast. Daarnaast zal de federale opendatastrategie worden versterkt om een makkelijke toegang tot openbare gegevens te garanderen. Dat alles binnen de regels van de GDPR.
Conclusie
Administratieve vereenvoudiging en digitalisering zijn essentiële hefbomen om het concurrentievermogen van Belgische bedrijven te versterken. De regering wil tijd en middelen vrijmaken voor innovatie en groei door de administratieve lasten te verlichten en de overheidsdiensten te moderniseren. Met vereenvoudigde procedures, geoptimaliseerde digitale toegang en een minder zware fiscaliteit wil de nieuwe Belgische regering alles in stelling brengen voor een meer wendbare en competitieve economie. Hopelijk zijn deze hervormingen een keerpunt richting een efficiëntere en toekomstgerichte administratie.
- 1. In het kader van de Europese antiwitwasrichtlijnen zijn Belgische ondernemingen, inclusief vennootschappen, (i)vzw’s en stichtingen sinds 2018 verplicht om accurate en actuele informatie te registreren over hun uiteindelijke begunstigden (in het Engels aangeduid als ‘Ultimate Beneficial Owners’ of ‘UBO’s’) in het zogenaamde UBO-register, een initiatief van de FOD Financiën. ↩︎
Lees meer artikels over:


