Nieuws • 17 december 2025

Bedrijven moeten evolueren, de regeling voor tijdelijke werkloosheid dus ook!

Het VBO nam met bijzondere aandacht kennis van de conclusies van universitair onderzoek naar de doeltreffendheid van de regeling voor tijdelijke werkloosheid om economische redenen en de psychologische impact van een of meerdere periodes van tijdelijke werkloosheid op werknemers1. Een ideale gelegenheid om te herinneren aan de doelstellingen die het VBO verdedigt met betrekking tot de evolutie van die regeling.

1. Behoud contractuele relatie draagt bij tot sociale vrede

Geen enkele werkgever wil dat zijn activiteit zo sterk vertraagt dat hij gebruik moet maken van tijdelijke werkloosheid om economische redenen. Een opschorting van de prestaties van werknemers binnen die regeling biedt echter garantie op de voortzetting van de arbeidsovereenkomst en een volledige terugkeer naar werk zodra de terugval in activiteit achter de rug is. Bovendien biedt ze een sociaal vangnet via een tijdelijke werkloosheidsuitkering en een aanvullende werkgeversbijdrage.

2. Verwar risico’s structureel gebruik niet met ‘nieuwe normaal’

De bankencrisis van 2008/2009, de Brexit, de COVID-19-pandemie, de oorlog in Oekraïne en de gevolgen daarvan voor de energieprijzen: sinds enkele jaren zijn uiteenlopende crisissen bepalend voor het sociaal-economische klimaat. Die opeenvolging van crisissen en hun hoge mate van onvoorspelbaarheid worden het ‘nieuwe normaal’. Die realiteit mag niet worden genegeerd en mag niet leiden tot de opvatting dat een veelvuldige toevlucht tot tijdelijke werkloosheid om economische redenen automatisch ‘structureel’ en dus onrechtmatig is.

3. Turning uncertainties into opportunities

Langere periodes van tijdelijke werkloosheid moeten kunnen worden benut om de verwerving of ontwikkeling van vaardigheden te bevorderen. Het is legitiem om een regelgevingskader op te zetten dat de organisatie van (verplichte) opleidingen in die periodes mogelijk maakt. Ook moet de mogelijkheid voor de werknemer om een aanvullende activiteit te verrichten bij een andere werkgever of als zelfstandige worden ondersteund. Volgens cijfers van de RVA2 wordt die mogelijkheid momenteel sterk onderbenut.

4. Responsabilisering of ‘blinde’ sanctie?

Vandaag de dag bestaat er een systeem van financiële bijdragen als de werkgever binnen een bepaalde periode een quotum tijdelijkewerkloosheidsdagen overschrijdt. Een verhoging van die bijdrage zou een ondoordachte bijkomende financiële last vormen voor een bonafide werkgever die over een langere periode dan oorspronkelijk verwacht met ongunstige economische omstandigheden wordt geconfronteerd. Er is daarbij geen sprake van ‘responsabilisering’, want de werkgever heeft geen controle over de economische context. Bovendien zou een te sterke verhoging van de bijdrage op lange termijn het grondbeginsel van solidariteit tussen ondernemingen, waarop de regeling is gebaseerd, op losse schroeven zetten.

5. Alternatieven blijven beperkt

Werkgevers die met een plotselinge, intense en onvoorspelbare schommeling in activiteit te maken krijgen, beschikken in België over weinig flexibele instrumenten om hun werkorganisatie snel aan te passen. Tijdelijke werkloosheid blijft vaak de ‘eenvoudigste’ oplossing.

Ter conclusie: het VBO is van mening dat de regeling van tijdelijke werkloosheid moet evolueren om ze flexibeler, moderner en digitaler te maken (met name door gebruik te maken van de moderniseringsprojecten van de sociale zekerheid) en ervoor te zorgen dat ze uniformer wordt (ongeacht de personeelscategorie). Tegelijk blijft het van belang om flagrant misbruik op te sporen en te bestraffen. Die doelstellingen zijn noodzakelijk om de regeling wendbaar en veerkrachtig te maken en toekomstige crisissen het hoofd te kunnen bieden.

  1. 1. Le chômage temporaire en Belgique : un outil efficace et bénéfique, à condition d’en maîtriser l’usage, Regards économiques, Nummer 190. ↩︎
  2. 2. Slechts 10,2% van de tijdelijk werklozen werkte in 2024 ten minste één keer voor een andere werkgever of als zelfstandige. ↩︎

Deel deze pagina:

Lees meer artikels over:

Over de auteurs
David Rozenblum
Competentiecentrum Werk & Sociale zekerheid