Internationale toeleveringsketens staan onder druk. Globalisering, jarenlang een motor van groei en welvaart, botst op haar grenzen door geopolitieke spanningen, protectionisme en opeenvolgende crisissen. Toch is er geen sprake van volledige deglobalisering, maar van ‘slowbalisering’. Die trend zet bedrijven en beleidsmakers voor strategische keuzes die niet langer kunnen worden uitgesteld.
Van groei naar fragmentatie
Decennialang zorgde globalisering voor efficiëntiewinsten en welvaart, maar dat model kraakt. Loonkosten wereldwijd convergeren, waardoor het voordeel van gespreide productie afneemt. Tegelijk herschikt de opmars van China en andere groeilanden de machtsverhoudingen en voedt ze strategische bezorgdheden. Hyperglobalisering had bovendien verliezers: automatisering en offshoring kostten jobs in het Westen, wat het draagvlak voor vrijhandel verkleinde en protectionisme aanwakkerde.
Daarbovenop kwamen de schokken: brexit, handelsoorlogen, COVID-19, de Russische invasie in Oekraïne en nu een nieuwe golf protectionisme met Trump in het Witte Huis. Ondanks dat alles is de wereldhandel sinds 2008 niet gedaald, maar gestagneerd. We noemen het ‘slowbalisering’ eerder dan ‘deglobalisering’ (zie grafiek links). Wel zien we fragmentatie: handel vindt steeds meer plaats tussen geopolitiek gealigneerde landen dan tussen rivaliserende blokken. China voert minder uit naar de VS, maar des te meer naar Zuidoost-Azië. De EU ontkoppelde zich grotendeels van Rusland sinds 2022.
Strategische afhankelijkheden: direct en indirect
Voor Europa is de uitdaging groot. Ondanks een gedeeltelijke ontkoppeling van Rusland blijft de afhankelijkheid van China aanzienlijk, vooral voor producten die cruciaal zijn voor de groene en digitale transitie. De vrees groeit dat Amerikaanse barrières tegen China die goederen nog meer richting Europa duwen.
Indirecte afhankelijkheden maken het beeld nog complexer: Europese productie kan afhangen van onderdelen die via derde landen toch uit China komen. Dergelijke ketens zijn moeilijk in kaart te brengen, maar onderzoek op bedrijfsniveau toont dat de kwetsbaarheid sterk verschilt tussen landen, sectoren en zelfs individuele bedrijven. Grote ondernemingen hebben doorgaans meer spreiding, kleinere spelers veel minder. De EU-invoer van strategische goederen toont een sterke concentratie bij China (zie tabel rechts).


Keuzes die niet langer kunnen wachten
Die realiteit dwingt beleidsmakers tot moeilijke keuzes. Hoe verzoen je economische welvaart met nationale veiligheid? Bescherm je producenten tegen oneerlijke concurrentie, wetende dat dat consumentenprijzen opdrijft? Europa moet duidelijke prioriteiten stellen, interne sterktes beter benutten en de eenheidsmarkt verder versterken. Energie, digitalisering en defensie vragen meer integratie, terwijl handelsdiversificatie en voorspelbaar beleid cruciaal blijven. Vrijhandelsakkoorden en een robuust regelgevend kader zijn geen luxe, maar een noodzaak om de Europese positie in een gefragmenteerde wereld te behouden.
Ook bedrijven moeten strategisch schakelen. Blijven ze inzetten op pure kostenefficiëntie, of kiezen ze voor veerkracht en flexibiliteit? Welke leveranciers en markten zijn onmisbaar? Acties dringen zich op: supplychains volledig in kaart brengen, voorbij eerstelijnsleveranciers; risicoanalyses en scenarioplanning aanpassen aan de geopolitieke realiteit; en technologie omarmen om wendbaarheid te vergroten. De tijd van vanzelfsprekende globalisering is voorbij. Wie vandaag niet anticipeert, riskeert morgen vast te lopen.
- Lees het volledige artikel van Dennis Essers (NBB) in onze recentste Focus International Trade.
- Meer weten over hoe u als bedrijf moet schakelen? Schrijf u in voor ons evenement ‘BE PREPARED’.
Lees meer artikels over:
