Nieuws • 07 oktober 2026

Loonkloof: hoe u de verschillende cijfers moet begrijpen en interpreteren

Geen enkel cijfer is betrouwbaarder dan een ander: de relevantie ervan hangt in de eerste plaats af van de context en de gestelde vraag. Hoeveel verdienen vrouwen en mannen in België effectief? Is er een verschil tussen sectoren? Hoe zit het met loonverschillen binnen ondernemingen? Welke indicator in welke situatie de voorkeur krijgt, hangt af van de vraag die beantwoord moet worden en wat exact gemeten wordt.

Alvorens de verschillende bronnen met elkaar te vergelijken, dringt één essentiële vaststelling zich op: ongeacht de gebruikte bron zijn de algemene conclusies het erover eens dat de loonkloof kleiner wordt. En dat is positief.

De context is doorslaggevend

Het cijfer van Eurostat heeft betrekking op de loonkloof op uurbasis en is het resultaat van een geharmoniseerde Europese enquête. Dat cijfer is relevant wanneer we de situatie in België willen vergelijken met andere landen. Het gaat dus om de referentie op Europees niveau. Met een loonkloof van 0,7% in 2024 behoort ons land tot de landen met de kleinste loonkloof op Europees niveau.

Statbel gebruikt de gegevens van Eurostat en brengt daar in bepaalde sectoren, waaronder het onderwijs, enkele correcties in aan. Daardoor kan met name rekening worden gehouden met het aantal effectief gewerkte uren (in plaats van het aantal contractuele uren). Statbel publiceert een loonkloof van 4,7%.

Het nieuwe rapport van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen becijfert de loonkloof op 6,6%. Die loonkloof houdt rekening met het verschil tussen de gemiddelde arbeidstijd van vrouwen en mannen. De bedoeling is om een inzicht te krijgen in loonongelijkheid en segregatie op de arbeidsmarkt. Het voor arbeidsduur gecorrigeerde percentage is in dat geval relevanter dan het niet-gecorrigeerde percentage.

Tal van factoren zijn van invloed op de cijfers over de loonkloof en kunnen helpen om ze te verklaren: studiekeuzes, sectoren, ouderschap en de gevolgen daarvan voor de arbeidsmarktparticipatie …

  • De korte infografiek hierna biedt een beter inzicht in de verschillende cijfers en bronnen. U vindt er meer context en verklaringen voor de bestaande verschillen in die cijfers.

Welke link met de loontransparantie?

Naar aanleiding van de nieuwe loonkloofcijfers van het IGVM wordt vaak gewezen op de noodzaak om de loontransparantierichtlijn snel om te zetten. Dat is begrijpelijk, maar de link is minder vanzelfsprekend dan ze op het eerste gezicht lijkt. De cijfers tonen vooral aan dat er nog steeds verschillen bestaan tussen de economische positie van vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt. Ze zeggen niet automatisch iets over de loonvorming binnen individuele ondernemingen of over de vraag of vrouwen en mannen voor gelijk of gelijkwaardig werk gelijk worden betaald. De omzetting van de richtlijn is nog in voorbereiding. Ontwerpwetteksten zijn nog niet bekend en ook over de timing van omzetting bestaat onduidelijkheid.

Wie de loonkloof verder wil verkleinen, moet gelukkig niet alle hoop vestigen op de omzetting van een richtlijn. Heel wat andere elementen dragen bij aan het verkleinen van de loonkloof: het doorbreken van hardnekkige stereotypen, het aanmoedigen van meisjes en jongens om voor talent in plaats van traditionele rolpatronen te kiezen, het creëren van gelijke kansen voor doorgroei en leiderschap, en een betere verdeling van zorg- en huishoudelijke taken. Ook ondernemingen zetten vandaag al stappen door bijvoorbeeld in te zetten op objectieve processen voor aanwerving, evaluatie en promotie en uiteraard door de strenge Belgische antidiscriminatiewetgeving na te leven.

De loonkloof is een complex vraagstuk zonder wonderoplossing, maar net daarom kan iedereen mee het verschil maken. Kleine stappen van velen zorgen uiteindelijk voor de grootste vooruitgang.

Deel deze pagina:

Lees meer artikels over:

Over de auteurs
Alice Defauw
Competentiecentrum Werk & Sociale zekerheid
Elisabet Lenaerts
Competentiecentrum Werk & Sociale zekerheid