Nieuws • 11 maart 2026

Verzwakte overheidsfinanciën: concurrentievermogen en werkgelegenheid kern van de oplossing

Uit het jaarverslag van de Nationale Bank van België1 blijkt dat onze overheidsfinanciën er sterk op achteruitgaan. De huidige saneringsmaatregelen zullen niet volstaan om het tij te keren. Om België weer op een gezond begrotingstraject te brengen, zijn echte hervormingen nodig die het concurrentievermogen van de ondernemingen en de werkgelegenheid versterken.

Belgische overheidsfinanciën in zwaar weer

Volgens cijfers in het laatste jaarverslag van de NBB zijn de Belgische overheidsfinanciën in 2025 aanzienlijk verslechterd. De schuldgraad steeg met 3,5 procentpunt naar 107,4%.

Het begrotingstekort (het verschil tussen overheidsinkomsten en -uitgaven) bedraagt nu 5,3% van het bbp, of 34 miljard euro. Het is dus met 0,9 procentpunt gestegen tussen 2024 en 2025.

Driekwart van die verslechtering is het gevolg van een daling van de inkomsten, terwijl de resterende 25% te wijten is aan een stijging van de uitgaven (rentelasten niet meegerekend), die op haar beurt het gevolg is van de nieuwe eisen op het gebied van defensie-uitgaven opgelegd door de NAVO.

Huidige saneringsmaatregelen volstaan niet voor terugkeer naar haalbaar traject

Wat de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op middellange termijn betreft, zullen de door de regering geplande saneringsmaatregelen – hoofdzakelijk besparingen op de uitgaven – niet volstaan om het tekort tegen 2029 terug te dringen tot 3% van het bbp of om de schuldgraad te stabiliseren op het niveau van 2025.

Volgens de prognoses van de NBB doen de vergrijzingskosten aan de uitgavenzijde de geleverde inspanningen op het vlak van pensioenen en werkloosheid immers grotendeels teniet. Bovendien wordt de lichte stijging van de inkomsten gecompenseerd door andere factoren, des te meer omdat er werd afgezien van de btw-verhoging op vrijetijdsbesteding en afhaalmaaltijden. Tot slot raamt de NBB dat de terugverdieneffecten die zijn opgenomen in het budgettair-structureel plan voor de middellange termijn veel zwakker zullen zijn dan verwacht, als gevolg van een verwachte krimp van de consumptie – en dus van het bbp – en een beperkte impact op het arbeidsaanbod.

Al met al wordt in het verslag geconcludeerd dat de geplande saneringsmaatregelen het begrotingssaldo exclusief rentelasten hooguit zouden kunnen stabiliseren, zonder het echter te kunnen verbeteren. Daar komt de verwachte stijging van de rentelasten nog bij, wat betekent dat de schuldgraad op de middellange termijn niet zal stabiliseren. Als de financiële markten op dat traject anticiperen, kan de overheidsrating worden verlaagd, wat leidt tot een stijging van de rentevoeten en risicopremies en een sneeuwbaleffect in gang zet2.

Dat effect kan nog worden versterkt als het conflict in het Midden-Oosten voortduurt. Sterker nog, als de huidige energieschok aanhoudt, kan die verankerd raken in de inflatieverwachtingen, waardoor de rentevoeten nog hoger blijven en het risico op ontsporende rentelasten nog groter wordt.

Concurrentievermogen en werkgelegenheid: essentiële structurele hervormingen

Als de regering de overheidsfinanciën op middellange termijn weer op een houdbaar pad wil brengen en een ontsporing van de rentelasten wil voorkomen, zal ze aanvullende maatregelen moeten nemen om het begrotingstekort terug te brengen tot 3% en de schuldgraad te stabiliseren op het huidige niveau.

Om daarin te slagen moeten budgettaire en macro-economische hervormingen hand in hand gaan. De belangrijkste hefbomen zijn nog steeds het verhogen van de productiviteit en de werkgelegenheidsgraad. Structurele maatregelen om het concurrentievermogen te stimuleren en zo het arbeidsaanbod te ondersteunen zijn essentieel om de begrotingsdoelstellingen van de Arizona-coalitie te halen.

  1. 1. Verslag 2025 van de NBB ↩︎
  2. 2. Wanneer de rentevoeten op de schuld erg hoog zijn, is de economische groei niet altijd voldoende om de overheid in staat te stellen haar rentelasten te financieren uit overheidsinkomsten. In dat geval moet ze lenen om die rente te betalen, waardoor de schuld en de financieringskosten verder toenemen. Het resultaat is een geleidelijke stijging van de rentelasten. Dat noemen we een ‘sneeuwbaleffect’. ↩︎

Deel deze pagina:
Over de auteurs
Coline Robin
Competentiecentrum Economie & Conjunctuur