De Europese Unie zette een belangrijke stap in de hervorming van haar regels voor de screening van buitenlandse directe investeringen. Na het politieke akkoord tussen de Raad en het Europees Parlement gaf het Parlement op 19 mei 2026 formeel groen licht voor de nieuwe verordening. Daarmee evolueert het huidige kader, dat sinds 2020 geldt, naar een meer verplicht en geharmoniseerd systeem binnen de interne markt.
Verplichte screening in alle lidstaten
Voortaan worden alle lidstaten verplicht om een screeningsmechanisme te hebben. In het huidige systeem is dat niet verplicht en verschillen de nationale regels aanzienlijk. Daarom introduceert de nieuwe verordening een gemeenschappelijk minimumkader dat elke EU-lidstaat uniform moet toepassen.
Het doel is om lacunes in de bescherming van strategische sectoren te vermijden en tegelijk meer consistentie te creëren voor investeerders binnen de interne markt. De uiteindelijke beslissing over individuele investeringen blijft wel bij de lidstaten zelf.
Lijst van strategische sectoren
De hervorming bepaalt ook dat investeringen in een aantal strategische sectoren systematisch moeten worden gescreend. Het gaat onder meer om defensie en ‘dual-use’-technologie. En om geavanceerde technologieën, zoals artificiële intelligentie, halfgeleiders en kwantumtoepassingen.
Daarnaast omvat de lijst van strategische domeinen kritieke grondstoffen, energie-, transport- en digitale infrastructuur, en bepaalde onderdelen van het financiële en electorale systeem. Die afbakening weerspiegelt de groeiende aandacht voor economische veiligheid en de bescherming van sleuteltechnologieën en infrastructuur.
De uniformisering van de screening van buitenlandse directe investeringen past binnen de bredere Europese aanpak rond economische veiligheid.
De toepassing van de regels wordt bovendien nog uitgebreid. Naast rechtstreekse buitenlandse investeringen kunnen ook transacties binnen de EU worden gescreend, wanneer de initiële investeerder uit een derde land komt. Die uitbreiding moet vermijden dat de regels worden omzeild via Europese dochterondernemingen of complexe investeringsstructuren.
Meer samenwerking en geharmoniseerde procedures
De nieuwe verordening versterkt de samenwerking tussen lidstaten en de Europese Commissie. Informatie-uitwisseling wordt systematischer en procedures worden verder geharmoniseerd.
Dat moet leiden tot een efficiëntere behandeling van dossiers, vooral wanneer investeringen gevolgen kunnen hebben in meerdere lidstaten. Tegelijk blijven nationale autoriteiten verantwoordelijk voor de finale beoordeling.
Gevolgen en timing
Voor ondernemingen betekent de hervorming dat investeringen in de betrokken sectoren systematisch zullen worden gescreend. Dat kan een impact hebben op de voorbereiding en timing van transacties. De grotere harmonisatie kan evenwel ook zorgen voor meer duidelijkheid over de regels binnen de EU.
Na de formele goedkeuring door de Raad volgt een implementatieperiode van ongeveer 18 maanden. De toepassing van het nieuwe kader wordt daarom verwacht vanaf 2027.
De hervorming past binnen de bredere Europese aanpak rond economische veiligheid, waarbij openheid voor investeringen wordt gecombineerd met een meer systematische beoordeling van potentiële risico’s.
Lees meer artikels over:
