Bedrijven verdienen meer respect

Eind vorig jaar werd het nieuws de wereld ingestuurd dat de bedrijven de indexsprong en de taxshift vooral zouden hebben gebruikt om hun winst op te krikken. Dat werd afgeleid uit een ongelukkige passage uit een voorts erg interessant artikel in het Economisch Tijdschrift van de Nationale Bank. Uit nadere analyse van de harde data en grafieken uit datzelfde artikel blijkt echter dat die bewering niet klopt.


Pieter Timmermans, ALGEMENE DIRECTIE
15 januari 2020

Zo kan worden vastgesteld dat de Belgische exportbedrijven hun relatieve exportprijzen al meteen na die competitiviteitsmaatregelen met ongeveer 3% lieten zakken, wat meer is dan de daling van de arbeidskosten per eenheid product (-2%) over de volledige periode 2015-2018. De exportbedrijven hebben wel degelijk hun uitvoerprestaties verbeterd via lagere exportprijzen.

In de goederenexport heeft die strategie gewerkt. Zo blijkt uit het artikel van de NBB dat de groei van onze goederenexport in 2010-2015 slechts 1,5% per jaar bedroeg en daarmee beduidend lager lag dan in Duitsland (4%) of Frankrijk (3%). Na de indexsprong, de taxshift en de verlaging van de exportprijzen keerde dat in 2016-2018 om, met een groei van de Belgische goederenexport van 3,7% per jaar ten opzichte van 3,2% in Duitsland en 3,4% in Frankrijk.

In de dienstenexport (30% van het totaal) werd de positieve impact van de competitiviteitsmaatregelen echter overschaduwd door onze zwakke e-commercesector en door de impact van de aanslagen van 2016 op het toerisme in ons land. Dat heeft ook onze economische groei in die periode wat afgeremd: die bedroeg maar 1,8% per jaar in 2015-2018 tegenover gemiddeld 1,9% in onze 3 buurlanden (1,6% in Frankrijk, 1,9% in Duitsland en 2,4% in Nederland).

Jobs, jobs, jobs

Door de gematigde loonkostenontwikkeling hebben de bedrijven ondanks die wat zwakkere groei niettemin zeer veel arbeidsplaatsen kunnen creëren. Tussen Q3 2014 en Q3 2019 nam het aantal arbeidsplaatsen in de private sector met 224.000 eenheden toe. Dat is een groei met liefst 1,4% per jaar, wat betekent dat er voor elke procent economische groei bijna 0,8 procent werkgelegenheidsgroei in de privésector werd opgetekend, een arbeidsintensiteit die dubbel zo hoog ligt als normaal. Een studie van Konings en Bijnens (KUL) uit maart 2019 bevestigt dat en concludeert dat ongeveer 81.000 van die jobs (of 55% van de werkgelegenheidsgroei in de private sector in dienstverband) te danken was aan de competitiviteitsmaatregelen.

Bedrijven zijn dus duidelijk gegaan voor een sterkere exportgroei en hebben veel jobs gecreëerd. Maar wat dan met hun rendabiliteit? Is die ongewoon fors toegenomen? Neen. Het aandeel van het bruto-exploitatieoverschot van de bedrijven in de door hen gecreëerde toegevoegde waarde is in 2015-2016 wel toegenomen, maar de Nationale Bank waarschuwt er in haar publicaties ten overvloede voor dat deze maatstaf geen proxy is voor de rendabiliteit van de ondernemingen. Daarvan moeten immers nog de investeringskosten en de betaalde vennootschapsbelastingen worden afgetrokken om tot een correct rendabiliteitsconcept te komen.

Gestegen investeringsquote

Als we daarmee rekening houden, verandert het beeld totaal. In het licht van de digitale en groene revoluties die op ons afkomen, zijn de Belgische bedrijven in de voorbije jaren immers veel meer gaan investeren dan vroeger. De investeringsquote van de bedrijven is gestegen van 23 à 24% in 2002-2004 tot 26 à 27% in 2016-2018, en dat vooral door forse investeringen de laatste vijf jaar. Daarnaast is ook de door de bedrijven betaalde vennootschapsbelasting de voorbije negen jaar stelselmatig toegenomen van 5% van de toegevoegde waarde van de bedrijven in 2010-2011 tot 7% in 2017-2018.

Slotsom van al deze elementen is dat de macro-economische rendabiliteit van de bedrijven in 2015-2017 wel was verbeterd tot 8,8% van de toegevoegde waarde, net boven het langetermijngemiddelde (8,4%), maar dat ze ook toen nog altijd beduidend lager lag dan de niveaus van ongeveer 10% in 2004-2007. In 2018 hebben de sterke werkgelegenheidsgroei en de historisch hoge investeringsinspanningen zelfs opnieuw geleid tot een lichte terugval van die rendabiliteitsmaatstaf tot 7,8%, iets onder het langetermijngemiddelde.

Daarmee is nog maar eens aangetoond dat de bedrijven de competitiviteitsmaatregelen van de regering niet hebben gebruikt om hun winsten op te krikken tot ongewoon hoge niveaus, maar dat zij die bijkomende ruimte hebben aangewend om hun exportprijzen te verlagen en zo meer exportgroei te realiseren, om meer jobs te creëren, én om meer te investeren in digitale en groene innovatie.

Zij die overigens vinden dat bedrijven te weinig belastingen betalen, kan ik geruststellen. België is onbetwist koploper wanneer het gaat om betalen van belastingen en sociale bijdragen. Voor elke 100 euro die een werkgever als loonkost betaalt, rijft de overheid 53 euro binnen. In geen enkel ander Europees land werkt men meer dan de helft van het jaar voor de overheid. Daarnaast bedraagt het nominaal tarief in de vennootschapsbelasting na de verlaging nog steeds 25%, wat naar OESO-maatstaven erg hoog is. In dit kader spreken van een ‘race tot he bottom’ is dan ook ongepast en factueel onjuist.

Winst > investeringen > jobs > inkomen

Uiteindelijk gaat men ook voorbij aan het feit dat zonder rendabele bedrijven een economie gedoemd is te mislukken. De winsten van vandaag zijn de investeringen van morgen en de jobs van overmorgen. Heel wat ondernemingen hebben bovendien de ‘Corporate Governance Code 2020’ onderschreven, een code die duurzame waardecreatie centraal plaatst. Deze code legt een expliciete nadruk op het belang van langetermijndenken, verantwoord gedrag van alle geledingen van de vennootschap en een permanente aandacht voor de legitieme belangen van alle stakeholders. Ook wat betreft diversiteits- en niet-financiële rapportering, bijvoorbeeld inzake milieu en mensenrechten, wordt de lat hoger gelegd. De dag dat we terugkeren naar de tijd van priester Daens, sta ik samen met de syndicale leiders op de barricaden. Bedrijven verdienen dan ook meer respect in plaats van in diskrediet gebracht te worden.

Deze opinie werd gepubliceerd op de website van Trends op 15 januari.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEF IMPACT

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.