Hoeveel rek zit er nog op telewerk?

Telewerken is dé manier om minder mensen op de werkvloer te hebben. Telewerken is dé oplossing voor minder mensen op het openbaar vervoer. Daar kunnen we het enkel volmondig mee eens zijn en we roepen de bedrijven blijvend mee op om hier maximaal op in te zetten! Maar verplicht én fulltime telewerken is – wanneer het te lang aansleept – toch vooral een risico voor het mentale welzijn van de medewerkers, de betrokkenheid van de medewerkers en dus op termijn motivatie en productiviteit.


Joris Vandersteene, COMPETENTIECENTRUM WERK & SOCIALE ZEKERHEID
03 december 2020

Werkgevers werden de voorbije weken regelmatig met de vinger gewezen. Ze zouden te weinig inzetten op telewerk en er zouden nog té veel medewerkers op de werkvloer aanwezig zijn.

De cijfers
De meest recente resultaten spreken dat echter tegen. Volgens onderzoek in samenwerking met de Antwerp Management School en HRPro.be werkte in oktober 73% van de bediendepopulatie in de privésector van thuis uit. Volgens recente schattingen kwam daar nog 3% bovenop in november. Op de absolute piek van de pandemie in maart/april bedroeg dat percentage 80%. Een miniem verschil. Maar laat ons niet uit het oog verliezen dat toen ook heel wat niet-essentiële sectoren gesloten waren en om en bij 1 miljoen werknemers toen gebruikmaakten van tijdelijke werkloosheid.

Dus verhoudingsgewijs werken nu méér mensen van thuis uit dan toen op de piek. Ook de ERMG-enquête die deze week een update voorzag voor november, toonde een stijging met ongeveer de helft in fulltime telewerk ten opzichte van de laatste bevraging in oktober.

Wanneer we kijken naar de mobiliteitscijfers dan tonen alle parameters enorme dalingen qua filezwaarte. Enkel al op de Brusselse snelwegen was er een filezwaartedaling van 86%! Het Planbureau meldde vorige week nog dat het aantal verplaatsingen niet fel daalde, maar dat dit te wijten is aan de heropening van de scholen en korte, lokale verplaatsingen los van de werkcontext.

Ook de data van Google Mobility worden regelmatig aangewend om de verplaatsingen op het grondgebied in kaart te brengen. Na een eerste, vluchtige blik op die cijfers zou je kunnen concluderen dat daar een lichte stijging te zien is qua aanwezigheden op de werkplek. Maar belangrijk daarin is dat Google de scholen ook als werkplek catalogeert, logisch voor de leerkrachten, maar ook de leerlingen met een smartphone worden dus als ’werkende op de werkvloer‘ in de statistieken opgenomen. Hier spreken we al snel over een potentieel van 800.000 leerlingen mét smartphone die in de data onder ’werkverplaatsingen‘ worden weggeschreven.

Enige voorzichtigheid is dus wel geboden, wanneer er naar die cijfers wordt verwezen om werkgevers te wijzen op hun gebrek aan inspanningen.

Kan iedereen telewerken?
Hierin schuilt natuurlijk een deel van het perceptieprobleem. Niet elke bediende kan zomaar van thuis uit werken. 

Bankbedienden moeten nu eenmaal – minimaal én met alle mogelijke regels die nu van toepassing zijn – af en toe op kantoor aanwezig zijn. Werknemers van hoogtechnologische bedrijven die bv. met 3D-technologie aan de slag zijn of werken op R&D-afdelingen met heel specifieke apparatuur moeten aanwezig zijn op de werkvloer. Volgens recente berekeningen komt maximaal 45% van alle Belgische werknemers in aanmerking om minstens een deel van hun arbeidstijd van thuis uit te werken.

Zit er nog rek op?
Hoogstwaarschijnlijk wel. Er zullen zeker uitzonderingen te vinden zijn. Maar zijn die er niet altijd? En vooral: bouwen we beleid op basis van uitzonderingen of op basis van die duizenden bedrijven die elke dag – met alle financiële, logistieke én menselijke inspanningen die daarbij horen – correct het verplichtend karakter toepassen in hun organisaties?

Solidariteit
Verplicht én fulltime telewerken vergt veel van de medewerkers en de bedrijven en juist daarom durven we een oproep doen dat eenieder hiertoe zijn steentje bijdraagt. Wanneer we zien dat er uitzonderingen voorzien worden voor bv. juridische diensten van werknemersvertegenwoordigers, dan doet dat toch onze wenkbrauwen fronsen. Zeker wanneer er uit dezelfde hoek forcing wordt gevoerd om voor zij die - van overheidswege - verplicht fulltime telewerken allerhande nieuwe en dure maatregelen af te dwingen.

De Belgische privébedrijven leveren enorme inspanningen om maximaal op telewerk in te zetten voor die profielen die zich ertoe lenen. De continuïteit mag echter niet (opnieuw) in het gedrang komen. Eveneens zijn we bezorgd over de mentale gezondheidsgevolgen en de impact op lange termijn op motivatie en productiviteit.

Wel blijven we élk bedrijf oproepen om kritisch naar elke functie te kijken en als ze nog extra mogelijkheden zien om een extra inspanning te doen, hier optimaal gebruik van te maken.

Met als doelstelling de curves snel verder naar beneden te brengen en zo opnieuw een opening te creëren voor een uitzonderlijke terugkeer op de werkvloer, geheel in lijn met de voorziene terugkeermomenten zoals in oktober, waar zowel werkgever als werknemer vragende partij voor zijn!

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.