Omzetting Omnibusrichtlijn creëert nieuwe plichten

De snelle opkomst van e-commerce heeft ertoe geleid dat het huidige regime inzake consumentenbescherming aan een grondige update toe is. De Europese regelgever komt daaraan tegemoet met de Omnibusrichtlijn. Die richtlijn brengt de nodige vernieuwingen met zich mee en zorgt er zo voor dat de consumentenrechten beter afgestemd zijn op de nieuwe realiteit waarin onlinemarktplaatsen een steeds grotere rol spelen. Een bijkomende vernieuwing is dat verkopers bij prijsverminderingen voortaan steeds de referentieprijs moeten weergeven, om consumenten te behoeden voor misleidende kortingen. De wet ter omzetting van de Omnibusrichtlijn in het Belgische recht werd op 5 mei 2022 goedgekeurd door de plenaire vergadering van de Kamer. De nieuwe wetgeving treedt al op 28 mei 2022 in werking.


Tine Debaes , COMPETENTIECENTRUM RECHT & ONDERNEMING
11 mei 2022

Diverse plichten voor onlinemarktplaatsen

Consumenten moeten steeds een geïnformeerd besluit kunnen nemen, ook bij digitale aankopen. De omzetting van de Omnibusrichtlijn mondt uit in een aantal nieuwe informatieplichten. Onlinemarktplaatsen moeten voortaan aan de consument meedelen of de producten op hun marktplaats door een derde-ondernemer of door een derde-particulier aangeboden worden. Als de aanbieder een derde-particulier is, dan moet de onlinemarktplaats de consument erop wijzen dat de consumentenbescherming niet geldt. De consument moet ook inzicht kunnen verkrijgen in de manier waarop aanbiedingen worden gepresenteerd. In een specifiek deel van de online interface moet algemene informatie, zoals de belangrijkste parameters die bepalen hoe de producten gerangschikt worden, beschikbaar gesteld worden.

De zogenoemde ‘zwarte lijst’ – de lijst in het Wetboek van Economisch Recht met handelspraktijken die in alle omstandigheden als oneerlijk beschouwd worden – wordt aangevuld met vier nieuwe bepalingen. Die nieuwe oneerlijke handelspraktijken zijn er onder andere op gericht om komaf te maken met valse beoordelingen van producten. Ondernemingen zullen redelijke en proportionele stappen moeten nemen om na te gaan of beoordelingen afkomstig zijn van consumenten die het product daadwerkelijk hebben gebruikt of aangekocht.

Weergave referentieprijs

De Omnibusrichtlijn moet ervoor zorgen dat prijsverminderingen ook échte prijsverminderingen zijn. Bij de aankondiging van prijsverminderingen zullen ondernemingen daartoe een referentieprijs moeten weergeven. De referentieprijs is de laagste prijs die ze hebben toegepast in de periode van minimaal dertig dagen voor die prijsvermindering. Die verplichting moet een einde maken aan de praktijk waarbij de prijszetting van producten eerst kunstmatig verhoogd wordt, om dan kortingen te geven, die in werkelijkheid neerkomen op de oorspronkelijke basisprijs.

Die nieuwe plicht bemoeilijkt het voortbestaan van braderieën, een typisch Belgische traditie. Braderieën vinden vaak plaats in de periode voorafgaand aan de solden. Tijdens die gelegenheden verkopen winkels hun producten voor één of enkele dagen aan heel lage prijzen. Die lage prijzen zouden als referentieprijs moeten worden weergegeven tijdens de soldenperiode die op de braderie volgt. De Omnibusrichtlijn laat helaas geen uitzonderingen toe op de plicht om de referentieprijs weer te geven. Minister van Economie en Werk, Pierre-Yves Dermagne, erkent wel de specifieke situatie van de braderieën. Omdat ze een inherent deel vormen van de Belgische (handels)cultuur, beloofde hij dat de Economische Inspectie daarbij het nodige pragmatisme aan de dag zal leggen. Dergelijke, eerder vage, beloftes verschaffen echter geen afdoende rechtszekerheid voor de ondernemingen.

Omzetting ‘op z’n Belgisch’

De Omnibusrichtlijn (daterend van november 2019) moest uiterlijk tegen 28 november 2021 worden omgezet in het Belgische recht. De Europese wetgever stelt daarbij de datum van inwerkingtreding van de nationale rechtsregels vast op 28 mei 2022. Dat zou ondernemingen zes maanden gegeven hebben om zich in lijn te stellen met de nieuwe plichten. De laattijdige omzetting in het Belgische recht, gekoppeld aan de door Europa vastgestelde datum van inwerkingtreding, zorgt ervoor dat Belgische ondernemingen in plaats van zes maanden slechts een drietal weken hebben om zich aan te passen.

Minister Dermagne beloofde dat ook daarbij de administratie zich pragmatisch zal opstellen, en dat rekening zal worden gehouden met de korte termijn, die het voor ondernemingen moeilijk maakt om zich tijdig aan de nieuwe plichten aan te passen. Zoals eerder aangehaald, verschaft dat weinig zekerheid en rest de vraag hoe die beloftes in de praktijk ingevuld zullen worden.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEVEN EN PERSBERICHTEN

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.