Wordt de opzeggingstermijn tijdens tijdelijke werkloosheid wegens overmacht door COVID-19 binnenkort retroactief geschorst?

De Commissie Sociale Zaken besliste op 13 mei 2020 in tweede lezing om de opzeggingstermijnen betekend door de werkgever voor of tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht ingevolge de COVID-19-crisis, retroactief te schorsen. Volgens dat voorstel zou vanaf 1 maart 2020 de opzeggingstermijn die de werkgever betekent tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens COVID-19-overmacht, worden geschorst. Het wetsvoorstel wordt vandaag, woensdag 20 mei 2020, besproken in de plenaire vergadering van het parlement.


Hanne De Roo, COMPETENTIECENTRUM WERK & SOCIALE ZEKERHEID
19 mei 2020

Het stelsel van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht is een uitzonderingsregime, dat omwille van de zeer zware gevolgen van COVID-19 als algemeen stelsel werd ingesteld. Anders dan voor het stelsel van economische werkloosheid zijn er in de arbeidsovereenkomstenwet geen specifieke bepalingen opgenomen die bepaalde rechtsgevolgen regelen. Een logisch gevolg daarvan is dat de opzeggingstermijn die wordt betekend aan een werknemer die tijdelijk werkloos werd gesteld, in het regime COVID-19 niet wordt geschorst. De opzeggingstermijn vangt dus aan tijdens de tijdelijke werkloosheid en loopt gewoon door. Het parlement wil daar nu een einde aan maken.

De indieners, gesteund door een meerderheid in de Commissie Sociale Zaken, voeren zelfs een dubbele retroactiviteit in. Vanaf 1 maart 2020 zal de opzeggingstermijn die de werkgever betekent tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid wegens COVID-19-overmacht, worden geschorst. Echter, door de werkgever betekende opzeggingstermijnen die vóór 5 mei 2020 aflopen, worden niet geschorst. De opzeggingstermijn die werd betekend voor 1 maart 2020 wordt ook niet geschorst. De werkgever betaalt desgevallend wel een aanvulling op de uitkering tijdelijke werkloosheid die het verschil tot het nettoloon bijpast (vrij van socialezekerheidsbijdragen) voor de periode waarin de opzeggingstermijn samenvalt met een periode van schorsing. Die aanvulling wordt toegekend in de vorm van een eenmalige uitbetaling bij het verstrijken van de opzeggingstermijn of in de vorm van betalingen in schijven, die als aanvullingen betaald worden op de momtenten dat de werkloosheidsuitkering wordt betaald.

De datum van 5 mei werd nog aan het voorstel toegevoegd om te vermijden dat de lopende opzeggingstermijnen die werden verbroken na kennisname van de stemming in eerste lezing (met betaling van het saldo van de resterende opzeggingsvergoeding), nog uitwerking zouden hebben.

Het wetsvoorstel wordt vandaag, woensdag 20 mei 2020, besproken in de plenaire zitting. Onze hoop is dat er nog een meerderheid wordt gevonden om het advies van de Raad van State te vragen, die hoogstwaarschijnlijk bezwaar zal maken tegen de retroactieve toepassing van het wetsvoorstel.

VBO - Het VBO betreurt deze maatregel, die een gemiste kans is om de ondernemingen zuurstof te geven. Hij zal het herstel van de economische activiteit in ons land verder bemoeilijken, met mogelijk meer faillissementen tijdens en na de zomer en dus een groter risico op permanente werkloosheid.

Onze partners

Actiedomeinen

Een gezond ondernemingsklimaat is essentieel voor een gezonde economie en duurzame groei in België. Als VBO nemen we de verantwoordelijkheid om de motor van onze welvaartsstaat op kruissnelheid te houden. Om dat te bereiken, focussen we op 18 actiedomeinen die bijdragen tot een duurzame groei.


VBO-NIEUWSBRIEF IMPACT

Schrijf u nu in en ontvang wekelijks de laatste artikelen direct in uw mailbox.